Leesclubtip Daniel Mason - De pianostemmer

Eerdere leesclubtips

Leesclubtip Daniel Mason - <em>De pianostemmer</em>

Inleiding

Oktober 1886. Een vreemd verzoek van het Britse ministerie van Oorlog bereikt pianostemmer Edgar Drake: hij krijgt de opdracht om zijn vrouw en zijn rustige leventje in Londen vaarwel te zeggen en naar de jungle van Birma te reizen, waar een zeldzame Erard-vleugel gerepareerd moet worden.

Inhoud

Oktober 1886. Een vreemd verzoek van het Britse ministerie van Oorlog bereikt pianostemmer Edgar Drake: hij krijgt de opdracht om zijn vrouw en zijn rustige leventje in Londen vaarwel te zeggen en naar de jungle van Birma te reizen, waar een zeldzame Erard-vleugel gerepareerd moet worden. De piano is van Anthony Carroll, een arts in het Britse leger die er nogal onorthodoxe methoden op na houdt om de vrede te bewaren met de vijandige vorsten in de Shan-staten: door zijn liefde voor poëzie, muziek en studie met hen te delen. Voorlopig zorgt deze aanpak voor rust in het gebied, maar Carrolls superieuren hebben hun twijfels over de loyaliteit van de arts. Op zijn reis naar Birma – via Europa, de Rode Zee en India – ontmoet Edgar behalve profeten en dieven, soldaten en verhalenvertellers ook een fascinerende vrouw, die net zo ongrijpbaar blijkt te zijn als Carroll.

Over De pianostemmer

'Mason weet prachtig de betovering op te roepen van het Birmese landschap en van de Birmese cultuur.’ – NRC Handelsblad

‘Een heuse avonturenroman.’ – Elsevier

‘Een originele, krachtige historische roman met een perfecte mix van geschiedkundige achtergronden, filosofische bespiegelingen, reisimpressies, spanning en romantiek.’
Het nieuwsblad

‘Rijk, sfeervol en beeldend in de schildering van het landschap, de geuren en de aard van het negentiende-eeuwse Birma. Een verbazingwekkend volmaakt debuut.’ – Arthur Golden, auteur van Dagboek van een geisha

‘Krachtig proza. Mason beschikt over het vermogen geschiedenis, politiek, natuur en geneeskunde te combineren met een rijk verbeelde, fictieve negentiende-eeuwse wereld.’ – Andrea Barrett, auteur van De laatste reis van de Narwhal

‘Een verleidelijke en lyrische roman die vraagtekens zet bij de gewelddadigheid en de vuile handen van het kolonialisme, hoewel het boek ook een lofzang is op de ongrijpbare kracht van muziek en verbeelding.’ – New York Times

‘Een zeldzaam mooi verhaal en een briljant portret van een cultuur in den vreemde. Een onweerstaanbare mengeling van Kipling en Conrad.’ – Kirkus Reviews

Daniel Mason

Daniel Mason (1976) studeerde in 1998 af als bioloog aan Harvard University. Vervolgens bracht hij een jaar door aan de grens tussen Thailand en Myanmar, het vroegere Birma, waar hij onderzoek deed naar malaria en een groot deel van De pianostemmer schreef. Momenteel studeert Mason medicijnen aan de University of California en werkt hij aan zijn tweede roman.

Discussievragen

1. Als Kolonel Killian Edgar Drake voor het eerst vertelt over Anthony Carroll zegt hij: ‘Laten we zeggen dat er mensen zijn die zich laten meeslepen door de retoriek van de Britse koloniale bedoelingen: dat we niet overwinnen om land en rijkdommen te verwerven, maar om cultuur en beschaving te verspreiden.’ (p. 27). Geldt dit voor Carroll? Is het inderdaad zijn bedoeling om de westerse cultuur in het oosten te verspreiden, door middel van muziek? Gaat dit ook op voor Edgar? Wat oppert de roman over de bedoelingen van imperialisme?
2. Waarom aanvaardt Edgar de opdracht om een piano te stemmen en daarvoor duizenden kilometers te reizen naar de afgelegen en gevaarlijke jungle in een van de uithoeken van het Britse rijk? Waarom spoort zijn vrouw, Katherine, hem juist aan te gaan?
3. Het Britse leger beschouwt dokter Carroll met eerbied en achterdocht. Waarom is dat? Op welke manier tart Carroll met zijn houding de voor die tijd geldende conventies?
4. Op weg naar huis, door de mistige straten van Londen, denkt Edgar na over zijn aanstaande reis naar Birma: ‘Hij kon de vage lijn van de oever zien, met de enorme, zware architectuur die zich samenpakte langs de rivier. Als dieren bij een waterpoel, dacht hij, en die vergelijking vond hij wel mooi.’ (p. 33). Waarom gebruikt Edgar juist deze vergelijking en waarom past die vergelijking goed bij Edgar? Dankzij deze indrukken komen we meer te weten over Edgars bewustzijn. Op welk moment in het boek gebruikt Daniel Mason deze techniek nogmaals om de lezer meer inzicht te geven in Edgars bewustzijn?
5. Edgar schrijft aan Katherine dat ‘deze hele reis zichzelf heeft gehuld in een vernis van schijn, van iets onwezenlijks’ (p. 187). Waarom is deze bewering waar? Hoe komt het dat Edgars ervaringen bijna mystiek zijn? Welke rol spelen zijn dromen in de roman?
6. Tijdens de jacht ziet kapitein Witherspoon een paar zilverreigers en vraagt of ze deze kunnen schieten. ‘Niet hier,’ antwoordde Dalton. ‘De laatste keer dat we vogels schoten, maakten de dorpelingen er een enorme drukte over. De reigers maken deel uit van de ontstaansmythes van Pegu. Het brengt ongeluk als je ze neerschiet, beste vriend.’ Waarop Witherspoon antwoordt: ‘Bijgelovige flauwekul. Ik dacht dat we hen opvoedden om dergelijke onzin op te geven.’ (p. 122) Wat suggereert dit gesprek over de houding van de Britten ten opzichte van de onderdanen in het koloniale Birma? En over de culturele verschillen tussen de Britten en de Birmanen?
7. Wat is de betekenis van de jongen aan wie Edgar een muntstuk geeft en die later per ongeluk door kapitein Witherspoon wordt neergeschoten? Waarom noemt Edgar het muntstuk ‘een symbool van verantwoordelijkheid, van misplaatste gulheid, en dus een amulet’ (p. 136)? En op welke manier erft Edgar het ‘geluk’ van de jongen?
8. Waarom is Edgar de juiste man om de opdracht van dokter Carroll uit te voeren? Waarom komen Edgars dromerigheid, zijn neiging om te verdwalen, zijn onhandigheid en zijn politieke naïveteit dokter Carroll zo van pas?
9. Een paar maanden nadat Edgar Londen heeft verlaten, schrijft hij aan Katherine dat hij veranderd is. ‘Wat deze verandering inhoudt weet ik niet, net zomin als ik weet of ik nu gelukkiger ben of droeviger dan ik ooit ben geweest.’ Hij vervolgt met: ‘Dit alles heeft een hoger doel … hoewel ik nog niet weet wat het is’ (p. 319). Op welke manier is Edgar veranderd? Wat heeft die verandering veroorzaakt? Wat is zijn eigenlijke doel in Birma?
10. Wat voor vrouw is Khin Myo? Voelt ze zich werkelijk tot Edgar aangetrokken of is dat gespeeld? Wat is haar relatie met Anthony Carroll? Is ze verwant aan de vrouw met de parasol aan het begin en einde van het boek? Is ze, zoals kapitein Nash-Burnham suggereert tijdens het gesprek in het wachthuis, Edgars ‘creatie’, deel van zijn ‘fantasieën’ (p. 380)?
11. Muziek is een belangrijk thema in De pianostemmer. Van het prachtige lied dat de Man met één verhaal zingt tot het wijsje dat Carroll op de fluit speelt om aanvallers af te schrikken in de jungle, van Bachs fuga die Edgar voor de sawbwa speelt tot de roep van de insecten die hun vleugels langs elkaar strijken. Welke rol speelt muziek in het boek? Hoe beïnvloedt de muziek in de roman degenen die ernaar luisteren? Wat is het belang van muziek in de roman?
12. Nadat Edgar uit het wachthuis vlucht, leest hij het stuk papier dat Carroll hem heeft gegeven. Het is een pagina uit Carrolls exemplaar van de Odyssee, waarin beschreven wordt hoe ‘de Lotuseters hun terugkeer naar huis vergeten’ (p. 389). Op welke manier heeft Edgar van de lotus ‘geproefd’? Waarom is hij zo in de ban van Birma? Wat betekent de lotus in deze context?
13. Waarom snijdt Edgar het vlot met de piano los van de touwen en laat hij de kolkende rivier en de storm de piano meesleuren? Dit opvallende beeld – een piano die op een onbemand vlot door de rivier wordt weggevoerd en bespeeld wordt door de regen – verwijst naar de belangrijke thema’s in De pianostemmer. Welke zijn dat?
14. Welke geheimen blijven ook aan het eind van het boek een raadsel? Hoe draagt de stijl van de auteur bij aan de dubbelzinnigheid die het verhaal in zich draagt?
15. Aan het eind van de roman zegt kapitein Nash-Burnham dat Anthony Carroll een landverrader is en hij noemt de mogelijke rollen die de arts gespeeld kan hebben: ‘Anthony Carroll is een agent die werkt voor Rusland. Hij is een Shan-nationalist. Hij is een Franse spion. Anthony Carroll wil zijn eigen koninkrijk bouwen in de jungle van Birma.’ (p. 379). Edgar ziet Carroll als een genie en een vredestichter. Welke van deze veronderstellingen is juist? Levert de roman voldoende bewijs voor een van deze veronderstellingen?
16. Waarom begint en eindigt Mason zijn roman met het beeld van de zon en de parasol?
Welke symbolische of culturele waarde heeft dit beeld?
17. Wat zegt de roman in zijn algemeenheid over het Britse rijk: over de manier waarop in de negentiende eeuw koloniale mogendheden macht uitoefenden op de heersers en onderdanen van kolonieën? Is dit beeld nog altijd relevant in onze tijd? Zijn er nog altijd politieke en culturele conflicten tussen het oosten en het westen?
18. De pianostemmer kan geplaatst worden in een traditie van literaire werken die kolonialisme en onderdrukte culturen als thema hebben. Welke overeenkomsten en verschillen zijn er tussen De pianostemmer en Overtocht naar India van E.M. Forster of Hart der Duisternis van Joseph Conrad?