Introductie

Volledige werken deel 8

Volledige werken deel 8

Willem Frederik Hermans

Binnen het omvangrijke en veelzijdige oeuvre van Willem Frederik Hermans kwam één langlopend project nooit tot voltooiing: een grote autobiografische roman. Wel verschenen er in de vorm van verhalen en novellen losse gedeelten uit dit werk in uitvoering, waarin het hoofdpersonage Richard Simmillion het alter ego van de schrijver is. Twee van de vier verhalen...Lees meer

Bestel€ 44,99

Over dit boek

Aantal pagina's816
UitvoeringGebonden

Willem Frederik Hermans (1921-1995) studeerde fysische geografie in Amsterdam, promoveerde in 1955, was tot 1973 lector aan de Groningse universiteit, vestigde zich als schrijver in Parijs om de laatste jaren van zijn leven door te brengen in Brussel. Hermans schreef een een enorm en veelzijdig oeuvre en hij geldt als een van de grootste Nederlandstalige...

Willem Frederik Hermans

Samenvatting

Binnen het omvangrijke en veelzijdige oeuvre van Willem Frederik Hermans kwam één langlopend project nooit tot voltooiing: een grote autobiografische roman. Wel verschenen er in de vorm van verhalen en novellen losse gedeelten uit dit werk in uitvoering, waarin het hoofdpersonage Richard Simmillion het alter ego van de schrijver is. Twee van de vier verhalen uit de bundel Een wonderkind of een total loss (1967) zijn Simmillion-teksten, en ook in De laatste roker (1991), waarin Hermans een groot aantal korte verhalen verzamelde die door de jaren heen verspreid in kranten en tijdschriften hadden gestaan, werden er enkele opgenomen. Beide titels verschijnen nu in deel 8 van de Volledige Werken, samen met de in Vier novellen (1993) gebundelde juweeltjes die Hermans in de eerste helft van de jaren tachtig kort na elkaar publiceerde: ‘Filip’s sonatine’, ‘Homme’s hoest’, ‘Geyerstein’s dynamiek’ en ‘De zegelring’. Het bibliofiele werkje De onversleten wandelaar (1994) completeert dit deel in de reeks.

Ik ben zelfs verlegen als ik doodalleen achter mijn schrijftafel zit en schrijf niet de helft op van wat ik te zeggen heb, uit verlegenheid.

Speech Boekpresentatie

Beste dames en heren, geachte aanwezigen,

 

Welkom.

 

Mijn naam is Nienke Beeking, redacteur bij De Bezige Bij. Dank, namens onze uitgeverij, dat u allen hier bent, op deze bijzondere avond ter ere van het achtste deel in de Volledige Werken van Willem Frederik Hermans – een avond en een reeks die er niet zouden zijn geweest zonder de niet-aflatende inspanningen van het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis en het Willem Frederik Hermans instituut, beide zo onontbeerlijk voor de uitgave van het werk van Hermans.

 

En aangezien u hier bent: u hebt gelukkig de stellig opgeschreven regel van Hermans genegeerd die in dit achtste deel te vinden is, in het verhaal ‘Gedachten over wonen in het buitenland’ uit de bundel De laatste roker – waar de volgende zin te lezen valt: ‘Ik heb in Amsterdam niet veel meer te zoeken en kom er daarom zelden.’ Hoewel het natuurlijk de vraag is hoe we het waarheidsgehalte hiervan moeten bepalen – iets wat sowieso een hachelijke kwestie is in dit deel, dat soms autobiografische elementen bevat, maar even vaak ook weer niet – en dan kom je ook nog zinnen tegen, in het verhaal ‘Het grote medelijden’, als de volgende: ‘Alle ongeluk dat ik me op mijn hals haal door hardop in mezelf te praten, is me nog geen bewijs dat ik de volledige waarheid vertel.’ De waarheid is, zoals altijd, weer eens een rekkelijk begrip.

 

Kortom: het was een verstandige keuze u niets van Hermans’ woorden over onze hoofdstad aan te trekken, want hier is wel degelijk iets te zoeken; als de auteur had bedacht dat we nu, op deze avond in Athenaeum, een groot deel van zijn verhalen in een werkelijk prachtige editie zouden presenteren, had hij in het al genoemde ‘Gedachten over wonen in het buitenland’ vast niet geschreven: ‘Ik kon in Amsterdam niet vinden wat ik zocht.’

 

Dit achtste deel in de Volledige Werken dat we vanavond ten doop houden – waarop trouwens, wellicht is het u al opgevallen, de Magritte-man op het omslag een frappante gelijkenis vertoont met de foto van Hermans achterop; een gelukkige toevalligheid – dit achtste deel, dus, is inmiddels weliswaar het zestiende deel dat sinds het najaar van 2005 is verschenen, maar elk deel opnieuw is een belangrijke gebeurtenis. Elk deel brengt ons dichter bij wat dit project in naam behelst: het volledig uitgeven van Hermans’ werken, in 24 kloeke delen.

 

Het boek dat we vanavond in handen houden, is niet alleen voor de volmaking van de reeks van belang, maar is op zichzelf ook een afronding: nadat ruim tien jaar geleden deel zeven verscheen, met daarin drie klassieke verhalenbundels, maakt dit huidige deel de verhalen en novellen van Hermans compleet. Een kleine mijlpaal, zoals de reeks al zoveel mijlpalen kent. Het is niet voor niets, en hier citeer ik iemand van deze boekhandel, ‘het mooiste uitgeefproject dat bestaat’.

 

Laat deze avond dan ook een heuglijke zijn, want zo’n uitgeefqueeste, dat is iets om met elk deel weer te vieren. Om dit luister bij te zetten, zal dadelijk Peter Kegel, projectleider bij het Huygens Instituut, u een en ander vertellen over de totstandkoming van dit achtste en het eerdere zevende deel, en daarna zal Jente Posthuma, auteur van de roman Mensen zonder uitstraling, u een verhaal vertellen waarin W.F. Hermans op ongekende wijze een rol speelt. Ik verklap u nog niets. Tot slot is er, uiteraard, ruimte om na te praten bij een u aangeboden drankje. Daarmee doen we wellicht de prijs die Hermans even ironisch als sardonisch in het leven riep in de eenakter ‘Uitgever Oorwurm’, namelijk ‘de poëzieprijs van de Amsterdamse barkeepers’, enige eer kunnen aan. Leest u dat vooral nog eens na, in dit prachtige deel van de Volledige Werken.